Terug/Home/Webwinkel ramsj.nl /Non-Fictie/Economie & politiek/Met een oranje das
Karel van Oosterom
Met een oranje das
Een jaar in de Veiligheidsraad
€ 21,99 Oorspronkelijke prijs was: € 21,99.€ 7,90Huidige prijs is: € 7,90.
ISBN: 9789045040240. Bindwijze: pap Taal: NL Uitgever: Atlas Contact Auteur: Karel van Oosterom Auteur tussenvoegsel: van Paginas: 256 Categorieën: Economie & politiek, Non-Fictie.
In ‘Met een oranje das’ geeft ambassadeur Karel van Oosterom de lezer een intieme inkijk in de Veiligheidsraad, waar hij in 2018 een felbegeerde post voor Nederland zetelde. Hij beschrijft hoe diplomaten internationale conflicten uitvochten zonder elkaar naar de keel te vliegen, en hoe de Raad hielp voorkomen dat ebola een wereldwijde pandemie werd. En dat terwijl dat jaar al bol stond met spanningen in onder meer Syrië, Jemen, Iran en Noord-Korea en met kwesties als MH17 en de spionnenaffaire in Salisbury. Ook gaat hij in op het belang van de VN en wat het voor Nederland betekent dat het een jaar lid was van de Veiligheidsraad.
Gerelateerde producten
muziek

Niek Nelissen
Willem van Otterloo
Willem van Otterloo was één van de vier belangrijkste Nederlandse dirigenten van de twintigste eeuw. Als componist liet hij een klein maar verfijnd oeuvre na. Zijn bekendste werk is de Symphoniëtta (1943), die behoort tot de meest gespeelde Nederlandse composities. Van Otterloo's levensverhaal geeft een interessant tijdsbeeld van het muziekleven tussen 1928 en 1978. Hij begon zijn loopbaan als tutticellist in het Utrechts Stedelijk Orkest. Een compositieprijsvraag van het Concertgebouw in 1932 bleek bepalend voor zijn toekomst. De orkestsuite die hij instuurde, werd bekroond met de eerste prijs en hij mocht de uitvoering door het Concertgebouworkest zelf dirigeren. Het USO stelde hem in 1934 aan als tweede en in 1937 als eerste dirigent. Hij bleef aan toen het USO in 1943 werd ingezet bij de Europasender, een Duitse propagandazender. Dit kwam hem na de bevrijding te staan op een veroordeling door de Ereraad voor de muziek.In 1949 werd Van Otterloo eerste dirigent van het Residentie Orkest, dat hij bijna een kwart eeuw leidde. Het Haagse orkest ging met hem een ongekende bloeitijd tegemoet. In 1950 werd hij een van de vaste dirigenten van het nieuwe platenlabel van Philips, dat hem behalve met het RO opnamen liet maken in Berlijn, Parijs en Wenen. De vele Philips-lp's droegen bij tot zijn internationale reputatie. Na het overlijden van Eduard van Beinum in 1959 werd algemeen verwacht dat hij diens opvolger zou worden bij het Concertgebouworkest. De keuze viel echter op Bernard Haitink en Van Otterloo bleef in Den Haag. In de jaren zestig kwam Van Otterloo bij het RO onder vuur te liggen door de roep om inspraak en repertoirevernieuwing. Als gastdirigent verlegde hij zijn activiteiten deels naar het buitenland. Na zijn vertrek bij het RO in 1973 werd hij chef-dirigent van het Sydney Symphony Orchestra. In 1978 overleed hij in Australië bij een verkeersongeval.Recensie: Dit vlot geschreven imposante boek is een handelsuitgave van een academisch proefschrift over de introverte levens- en musiceerstijl van een van Nederlands bekende orkestleiders met een interessant tijdsbeeld (1933-1978). Zelf voortgekomen uit de orkestpraktijk stond hij als vaste dirigent "op de bok" van respectievelijk het Utrechts Stedelijk Orkest en het Residentie Orkest. Ook de kronieken van beide ensembles uit die periode worden door de promovendus - muziekjournalist en leraar vwo geschiedenis - in detail beschreven. Voor diegenen die onder Van Otterloo hebben gespeeld, is dit relaas 'gefundenes Fressen'. Maar voor hen niet alleen! Het boek bevat naast talrijke bijlagen en foto's een dvd met een tweetal televisieregistraties uit respectievelijk 1963 (Gebouw K&W Den Haag, Brahms III) en 1976 (St. Bavokerk Haarlem, Beethoven IX). Het boek en de dvd zijn toonaangevend voor de onderhavige periode van het orkestbedrijf.Metagegevens • Van Gruting • Gebonden • 629 pagina’s • ISBN 9789075879407 • NUR: 660 - Muziek algemeen • Genre: Kunst, Muziek, Biografieën • Trefwoorden: Dirigent, Residentie Orkest, Van OtterlooOver de auteur: Niek Nelissen (1952) studeerde geschiedenis in Groningen. Hij is werkzaam als leraar aan het Stedelijk Gymnasium in Arnhem en als toetsdeskundige bij het Cito. Als muziekjournalist schreef hij een groot aantal artikelen voor muziektijdschriften en toelichtingen bij cd-uitgaven op muziekhistorisch gebied. De biografie van Willem van Otterloo is de handelsuitgave van het proefschrift dat hij in 2009 verdedigde aan de Radboud Universiteit Nijmegen.Over de uitgever: Uitgeverij Van Gruting, opgericht in 1996, legt zich toe op het uitgeven van boeken op het terrein van geschiedenis, kunstgeschiedenis, muziekgeschiedenis en literatuurgeschiedenis. Van Grutinggeb - 628 blz
mens & maatschappij

Eugénie Smits van Waesberghe
Zwartboek adoptie
Zwartboek adoptie in Nederland in de 20e eeuw De invoering van de Adoptiewet in 1956 zorgde ervoor dat adoptie wettelijk onder de verantwoordelijkheid van de Nederlandse overheid viel. Een grote vraag naar baby's in Nederland door veelal kinderloze echtparen was het gevolg. Ongehuwde vrouwen stonden, vaak onder informele dwang, na de bevalling hun baby af. Dat gebeurde meestal in zogeheten doorgangshuizen waar zwangere meisjes en vrouwen verbleven en waaraan de overheid destijds financieel bijdroeg. Naar schatting zijn tussen 1956 en 1984 rond de 15.000 tot 25.000 baby's op deze manier afgestaan. Dit zorgde toen al voor veel leed, maar het werd decennia later nog veel pijnlijker toen geadopteerden op zoek gingen naar hun onbekende biologische moeders en vaders. Persoonsgegevens van geboorte- en adoptiefamilies blijken in geheime dossiers opgeslagen, zijn niet ter inzage of indertijd (moedwillig) verdwenen in opdracht van adoptieouders of zijn van hogerhand vernietigd. In 'Zwartboek adoptie' vertellen geadopteerden over hun persoonlijke adoptieverhaal en de levenslange impact ervan. Evenals moeders die vaak onvrijwillig en onwetend ooit een baby afstonden aan andere Nederlandse echtparen. Ze durven nu eindelijk hun verhaal te doen. Afstandsmoeders, afstandsvaders, geadopteerden en ook niet geadopteerde kinderen en familieleden komen uitgebreid aan het woord. Ook deskundigen die in hun werk in aanraking kwamen met adoptie als medewerkers van de Raad voor de Kinderbescherming, therapeuten en jeugdhulpverleners, historici en hoogleraren in religiegeschiedenis en sociale demografische geschiedenis, een kinderrechter en een kindertehuisdirecteur vertrouwen hun ervaringen over de adopties toe aan dit zwartboek. Allen tekenen zo met elkaar de inktzwarte rand om de Nederlandse adoptiegeschiedenis. We kunnen het niet veranderen, maar het gaat erom dat we het erkennen en van de fouten leren. De schrijfster van Zwartboek adoptie is Eugénie Smits van Waesberghe (1965). Zij is journalistiek onderzoeker, psychosociaal therapeut en coach. Zelf is Eugénie ook geboren in een doorgangshuis, onder dwang bij haar moeder weggenomen en ter adoptie in een pleeggezin geplaatst. De afgelopen vijf jaar stuitte Eugénie, mede door haar eigen zoektocht naar informatie over haar biologische moeder en vader, op gesloten deuren. 'Veel is onbekend, over veel wordt gezwegen en weinig is mogelijk om duidelijkheid te krijgen,' aldus Eugénie. Tijdens haar zoektocht kwam zij in contact met vele lotgenoten, wier verhalen, zoektochten, adoptieverleden en adoptieleed zij in dit boek heeft opgetekend. Eugénie studeerde aan de faculteit Sociale Wetenschappen en de Rechtenfaculteit van de Rijksuniversiteit Utrecht (Nederlands recht). Ze is getrouwd, heeft twee kinderen en werkt onder meer als psychosociaal therapeut en coach. Deskundige is Eugénie op het gebied van risicotaxatie, casusregie en het opstellen van veiligheidsplannen in complexe gezinssystemen en op het terrein van afstand, adoptie en hechting. Als deskundige en belangenbehartiger is Eugénie sinds 2018 lid van de ministeriële werkgroep Binnenlandse afstand en adoptie. Deze werkgroep heeft de totstandkoming van het landelijke onderzoek naar de binnenlandse afstand en adoptie en de oprichting van het landelijk meldpunt in 2019 voorbereid. NAUpap - 340 blz
non-fictie

P.J. Schipperus
Philips Willem
In 'Philips Willem, de verloren zoon van Willem van Oranje' doet P.J. Schipperus deze onbekende erfprins eindelijk recht. In februari 2018 was het 400 jaar geleden dat de oudste zoon van Willem van Oranje stierf in Brussel, tijdens het Twaalfjarig Bestand van de Tachtigjarige Oorlog. Deze prins komt in de geschiedenisboeken nauwelijks voor, omdat zijn halfbroers Maurits en Frederik Hendrik na de dood van hun vader stadhouders werden van de Republiek. Philips Willem werd ontvoerd uit Leuven, waar hij studeerde, en verbleef dertig jaar als gijzelaar in Madrid. Toen hij terugkeerde, werd hij in de noordelijke Nederlanden beschouwd als een katholieke spion. Hij voerde een bittere strijd met zijn halfbroers over de erfenis van hun vader. P.J. Schipperus wijdde meer dan 12 jaar aan het verzamelen van al het materiaal over Philips Willem. Als lid van de Geschiedkundige Vereniging Oranje-Nassau reisde hij naar alle uithoeken van Europa om bronnen te bestuderen. Het resultaat is ongeëvenaard. Omniboekgeb - 494 blz
geschiedenis

Cees Fasseur
Dubbelspoor
Tussen de boortorens op Borneo werd Cees Fasseur geboren, om tijdens de oorlog met zijn moeder en zijn zusje in het jappenkamp terecht te komen. In juni 1946 ging hij op zijn zevende voor het eerst naar Nederland. Na zijn studietijd in Leiden was hij bijna een kwarteeuw werkzaam bij het ministerie van Justitie in Den Haag, waar hij Van Agt ontmoette als kamergenoot en minister. Als raadadviseur voor de wetgeving was hij betrokken bij het abortusvraagstuk, de euthanasie, de politieorganisatie, de excessen-nota en andere politieke kwesties die nog altijd in de belangstelling staan. Rond zijn vijftigste besloot hij de overstap te maken naar de professionele geschiedschrijving. Op uitnodiging van koningin Beatrix werd hij de biograaf van Wilhelmina en schreef daarna een boek over het huwelijk van haar ouders. Als eerste kreeg hij onbeperkt toegang tot het Koninklijk Huisarchief, dat voor andere historici nog altijd gesloten is. Spottend werd hij wel 'de hofbiograaf' genoemd. Waarom werd juist hij gevraagd? Hoe dacht hij zelf over zijn taak en wat komt bij het schrijven van zulke biografieën verder allemaal kijken? Ook daarvan doet hij in deze levendig vertelde herinneringen verslag. 'Dubbelspoor' sluit af met zijn belevenissen als lid van de commissie van toezicht op de Nederlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten en zijn lidmaatschap van de commissie-Davids, die in 2009 onderzoek deed naar de Nederlandse besluitvorming inzake Irak. Balanspap - 368 blz