Menu

W. Rinzema?Admiraal

Romusha van Java

Het laatste front 1942-1945

 15,00  7,90

ISBN: 9789052944616. Bindwijze: ing Taal: NL Uitgever: Profiel Auteur: W. Rinzema?Admiraal Paginas: 176 Categorieën: , .

Gerelateerde producten

geschiedenis

Sporen in de modder

Als in november 1918 de wapenstilstand ingaat, blijkt dat het buurtspoorwegennetwerk aan beide zijden van het front zeer sterk is uitgebreid. Hier en daar blijven nog stille getuigen van die bovenmenselijke transportinspanning voor het vervoer van troepen en van bepaalde bevoorradingsmiddelen die met de tram of buurtspoorwegen zijn aangevoerd. De tram speelt in de hoofden van de militairen vóór 1914 nauwelijks een rol. Bij de mobilisatie en vooral bij de aftocht naar de versterkte vesting Antwerpen wordt er zorg gedragen voor het verbinden van de verschillende netten en wordt er zo goed als mogelijk rollend materieel uit de handen van de invaller gehouden. Als het Belgische leger begin oktober 1914 terugplooit op Oostende en nadien de stelling achter de IJzer inneemt, speelt de tram een zeer belangrijke rol voor de afvoer van troepen die zich terugtrekken voor de Duitsers. Vrij snel rijpt in de hoofden van de militairen, zowel als de trammaatschappijen dat er werk aan de winkel is. 'Sporen in de modder' vertelt het verhaal van de tram in oorlogstijd. Van de spoorwegen is bekend dat ze tijdens de Eerste Wereldoorlog een belangrijke rol hebben gespeeld in de bevoorrading van het front. Veel minder bekend is dat ook een relatief bescheiden transportmiddel als de trams een groot deel van de bevoorrading en de troepentransport voor zijn rekening nam. Dat had niet alleen te maken met de aanwezigheid van een uitgebreid tramnetwerk in België. Door de aanhoudende bombardementen was het wegennet soms zo grondig verwoest dat terugvallen op trams en smalspoor de enige werkbare oplossing bleek. 'Sporen in de modder' vult een lacune in de kennis van de spoorweggeschiedenis en beperkt zich daarbij niet tot droge feiten en cijfers, maar brengt ook de lotgevallen van trambestuurders en hun passagiers onder de aandacht. Een onmisbaar werk voor iedereen die geïnteresseerd is in militaire geschiedenis.
 20,00  7,90
Verder lezen

geschiedenis

Bart Middelburg

Riphagen

Dries ‘Al Capone’ Riphagen was in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog een leidende figuur in de Amsterdamse onderwereld. Hij joeg de Tweede Wereldoorlog volgens schattingen zeker tweehonderd mensen de dood in. Hij verraadde ook de kern van de door Gerrit Jan van der Veen opgerichte persoonsbewijzencentrale. Riphagen is echter nooit veroordeeld. Na  zijn arrestatie in mei 1945, wist hij in 1946 te vluchten via Spanje naar Argentinië en werd een persoonlijke vriend van Juan en Evita Perón. Hij overleed in 1973 in Zwitserland. In het omvangrijke standaardwerk van Loe de Jong komt ‘Al Capone’ nergens voor; officieel is ook nooit opgehelderd hoe Riphagen zijn straf kon ontlopen. Parool-verslaggevers Bart Middelburg en René ter Steege reconstrueren in dit boek de levensloop van een van de grootste Nederlandse oorlogsmisdadigers, met als schokkende conclusie: Riphagen ontsnapte met hulp van de leiding van het Bureau Nationale Veiligheid, de voorloper van de Binnenlandse Veiligheidsdienst. Recensie Biografie van een opportunistische Amsterdamse crimineel (1909-1973) die uit profijtgewin en puur voor het geld joden begon te verklikken tijdens de Tweede Wereldoorlog. Volledige reconstructie vanaf zijn beginjaren als crimineel tot de woelige oorlogsjaren om te eindigen met zijn vlucht naar Spanje en later het ex-nazi-paradijs Argentinië. Het boek is tevens een poging tot reconstructie van wie waar fout is gegaan in opsporing, vlucht naar het buitenland en vraag naar uitlevering. Gedetailleerd, historisch verantwoord onderzoek met een grote bronnenvermelding. Het enige minpunt aan deze studie met heel veel data en namen is dat een groot deel van de eindconclusie gebaseerd is op (gekleurde) getuigenverklaringen. Herwerkte versie met onder andere een nieuwe getuigenis van Riphagens zoon en informatie uit stukken die bij de eerste druk nog niet vrijgegeven waren. Met zwart-witfoto's en een literatuurlijst.   Metagegevens ·         Arbeiderspers ·         Paperback ·         216 pagina’s ·         Geïllustreerd ·         ISBN 9789046807354 ·         NUR: 681 – Historische biografie ·         Genre: Biografie, Geschiedenis ·         Trefwoorden: Riphagen, WOII, oorlogsmisdadiger, Gerrit Jan van der Veen, Bureau Nationale Veiligheid Auteur Bart Middelburg (1956) is een Nederlands schrijver en (misdaad)journalist bij Het Parool. Hij schreef onder meer boeken over Thea Moear, de IRT-affaire en Klaas Bruinsma. De publicaties over Klaas Bruinsma kwamen hem op een aantal processen te staan en hij belandde zelfs op Bruinsma's executielijst. Desondanks bleef hij over Bruinsma publiceren en verscheen in 1992 zijn boek De Dominee over Bruinsma, dat een bestseller werd. Gerrard Verhage baseerde zijn film De Dominee (2004) losjes op het boek van Middelburg. René ter Steege (1949) werkte na zijn studie Frans als verslaggever en redacteur buitenland bij Het Parool. Hij richtte zich na de eerste publicatie van Riphagen als journalist vooral op Frankrijk en Latijns-Amerika. Hij schreef daar ook boeken over, waaronder De Franse Uitzondering, over de opkomst van Jean-Marie Le Pen, en Land van Herkomst, over het Argentinië van de latere koningin Máxima. Ook vertaalde hij boeken uit het Frans. Uitgever Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam is een dynamische, onafhankelijke uitgeverij. De uitgeverij publiceert zowel Nederlandse als vertaalde fictie, poëzie en non-fictie, met als belangrijkste pijlers geschiedenis, cultuur, wetenschap, maatschappij, sport, culinair en crime. Sinds 2014 is Uitgeverij Wereldbibliotheek aangesloten bij Nieuw Amsterdam, in 2015 volgde Uitgeverij Bas Lubberhuizen. Daarnaast vertegenwoordigt Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam in Nederland Amsterdam University Press. Samen met de boekenclub ECI en de Amsterdamse boekhandel Scheltema maakt Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam deel uit van Novamedia
 17,50  6,90
Verder lezen

geschiedenis

D.J. van de Kaa

De leden van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen

Vanaf de oprichting van de Akademie van Wetenschappen in 1808 tot 1 januari 2008 kregen 2820 beoefenaren van de wetenschap of de schone kunsten het bericht dat hun verdiensten erkenning hadden gevonden door een benoeming in dit geleerd genootschap. Of dat bericht nu per trekschuit, koerier te paard, postkoets, (brom)fiets, vliegtuig, telefoon, of e-mail werd overgebracht, het zal veruit de meeste ontvangers met trots en blijdschap hebben vervuld. Wie waren de geleerden, en eerder ook kunstenaars, wie de eer van een benoeming in dit prestigieuze gezelschap ten deel is gevallen? In dit boek zijn alle namen van leden, zowel de Nederlanders als de buitenlanders terug te vinden, met vermelding van datum en categorie van benoeming en vakgebied. Cultuurhistorisch belangwekkende informatie. Voor talrijke families en personen zal het, bovendien, informatief en verhelderend zijn te weten wie er naast hun eigen verwant of bekende nog meer samen met Ludwig van Beethoven, Albert Einstein, Johan Huizinga, Piet Lieftinck, Heike Kamerlingh Onnes, Max Planck, Ary Scheffer, en Jan Tinbergen in de ledenlijst voorkomen. Kern van het boek vormt een, demografisch getinte, analyse van het ledenbestand van de Koninklijke Akademie. Nagegaan wordt hoe de omvang van het bestand in de loop van twee eeuwen varieerde, welke categorieën leden werden onderscheiden, waar ze geboren waren, wat hun gemiddelde leeftijd bij benoeming en overlijden was, waar ze woonden, en waar ze stierven. Ook hun gemiddelde levensverwachting op 50-jarige leeftijd is berekend en is, omdat het overwegend mannen waren, vergeleken met de manlijke bevolking van Nederland als geheel. Ingegaan wordt bovendien op het vergrijzingsaspect dat voor zoveel verenigingen en organisaties een probleem lijkt te vormen. Daartoe worden de effecten van verschillende rekruteringsstrategieën met elkaar vergeleken. Het boek is instructief voor hen die enige tijd de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor een vereniging of genootschap dragen. De bevindingen zijn ook relevant voor de in de samenleving fel gevoerde discussie over de vraag: Hoe lang mogen en kunnen verschillende groepen mensen maatschappelijk actief zijn en, wellicht ook, dienen ze arbeid productief te blijven? Binnen de Akademie kan de studie bijdragen tot het telkens opnieuw actuele onderwerp: Hoe het genootschap, als het voornaamste adviesorgaan van de regering over wetenschappelijke aangelegenheden, het best geïnformeerd, internationaal georiënteerd en gezaghebbend te houden?
 45,00  15,00
Verder lezen

geschiedenis

K. de Jong Ozn.

Gods eer zij ’t merk van al uw werk

'De Geschiedenis van het Friesch Dagblad' kan worden omschreven als de biografie van een krant (verschijnend sinds 1903). In dit tweede deel wordt de periode 1935-1971 behandeld: de tijd van de economische crisis van de jaren dertig en het leiderschap van Colijn, de Tweede Wereldoorlog en de onderduik van het Friesch Dagblad, het verlies van 'ons Indië', de Nieuw-Guinea kwestie en de grote maatschappelijke omwenteling van de jaren zestig. Het is de tijd waarin Hendrik Algra ? antirevolutionair in hart en nieren, lid van de Eerste Kamer en schrijver van vele boeken ? de markante hoofdredacteur van het Friesch Dagblad is en zijn stempel op de krant drukt. Net als het voorafgaande deel biedt Deel II een boeiend verhaal over een veranderende wereld, gezien door de ogen van Friese gereformeerden en antirevolutionairen. Bijzondere aandacht is er voor de gebeurtenissen in Friesland en de parlementaire geschiedenis van Nederland. K. de Jong Ozn. (Drachten 1926-Sneek 2011) studeerde Geschiedenis en Nederlands aan de Vrije Universiteit. Hij was achtereenvolgens leraar in Dokkum, rector in Goes en Amersfoort, staatssecretaris van onderwijs (kabinetten Den Uyl en Van Agt 1) en voorzitter van de Unie voor Christelijk Onderwijs. Hij was tien jaar columnist van Het Buitenhof en de Haagsche Courant en schreef lange tijd voor het Centraal Weekblad en het Friesch Dagblad over politiek, onderwijs en literatuur. Hij publiceerde een aantal dichtbundels, een bundel novellen alsook een boek over de geschiedenis van de Unie voor Christelijk Onderwijs (Een verhaal dat verder gaat, 1999). In 2003 verscheen het eerste deel van zijn geschiedenis van het Friesch Dagblad onder de titel Zij zullen het niet hebben.
 39,50  12,50
Verder lezen