Menu

Michiel de Jong

Op herhaling

De Koninklijke Landmacht en haar reservisten 1945-2006

 19,50  7,90

ISBN: 9789085063414. Bindwijze: ing Taal: NL Uitgever: Boom Auteur: Michiel de Jong Auteur tussenvoegsel: de Paginas: 176 Categorie: .

Gerelateerde producten

geschiedenis

Erwin van Loo

100 jaar luchtvaart tussen Gilze en Rijen

In augustus 1910 vonden boven de Molenheide tussen de dorpen Gilze en Rijen de eerste bescheiden vliegbewegingen plaats met een Blériotvliegtuig. Deze vluchten vormden de opmaat voor een eeuw luchtvaartgeschiedenis. Vandaag de dag bevindt zich op dezelfde locatie een van de grootste en drukste vliegbases van de Koninklijke Luchtmacht. De historie van de vliegbasis is gevarieerd en kleurrijk. Tot 1940 gebruikte de Luchtvaartafdeeling (LVA) de Molenheide als militair hulpvliegveld. Tijdens de oorlogsjaren legde de Luftwaffe er een enorme basis aan die, nadat Gilze-Rijen door de geallieerden was bevrijd, in handen kwam van de Britse Royal Air Force. Na de Tweede Wereldoorlog ging Gilze-Rijen fungeren als opleidingsvliegveld voor de Nederlandse luchtstrijdkrachten. Talrijke luchtmachtmilitairen zetten tussen de jaren veertig en zestig op Gilze-Rijen de eerste stappen in hun militaire carrière. Vervolgens was de vliegbasis vanaf begin jaren zeventig tot midden jaren negentig de thuisbasis van een squadron jachtvliegtuigen. Vandaag de dag biedt Gilze-Rijen onderdak aan helikopters van het Defensie Helikopter Commando (DHC). 'In 100 jaar luchtvaart in Gilze-Rijen' komen in woord en beeld alle aspecten van de veelzijdige historie van de Vliegbasis Gilze-Rijen aan bod. Het boek behandelt boeiende episodes uit de Nederlandse luchtvaartgeschiedenis en geeft een goed inzicht in de gevarieerde rol die de vliegbasis in de geschiedenis van de Koninklijke Luchtmacht speelde.
 22,50  7,90
Verder lezen

geschiedenis

D.J. van de Kaa

De leden van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen

Vanaf de oprichting van de Akademie van Wetenschappen in 1808 tot 1 januari 2008 kregen 2820 beoefenaren van de wetenschap of de schone kunsten het bericht dat hun verdiensten erkenning hadden gevonden door een benoeming in dit geleerd genootschap. Of dat bericht nu per trekschuit, koerier te paard, postkoets, (brom)fiets, vliegtuig, telefoon, of e-mail werd overgebracht, het zal veruit de meeste ontvangers met trots en blijdschap hebben vervuld. Wie waren de geleerden, en eerder ook kunstenaars, wie de eer van een benoeming in dit prestigieuze gezelschap ten deel is gevallen? In dit boek zijn alle namen van leden, zowel de Nederlanders als de buitenlanders terug te vinden, met vermelding van datum en categorie van benoeming en vakgebied. Cultuurhistorisch belangwekkende informatie. Voor talrijke families en personen zal het, bovendien, informatief en verhelderend zijn te weten wie er naast hun eigen verwant of bekende nog meer samen met Ludwig van Beethoven, Albert Einstein, Johan Huizinga, Piet Lieftinck, Heike Kamerlingh Onnes, Max Planck, Ary Scheffer, en Jan Tinbergen in de ledenlijst voorkomen. Kern van het boek vormt een, demografisch getinte, analyse van het ledenbestand van de Koninklijke Akademie. Nagegaan wordt hoe de omvang van het bestand in de loop van twee eeuwen varieerde, welke categorieën leden werden onderscheiden, waar ze geboren waren, wat hun gemiddelde leeftijd bij benoeming en overlijden was, waar ze woonden, en waar ze stierven. Ook hun gemiddelde levensverwachting op 50-jarige leeftijd is berekend en is, omdat het overwegend mannen waren, vergeleken met de manlijke bevolking van Nederland als geheel. Ingegaan wordt bovendien op het vergrijzingsaspect dat voor zoveel verenigingen en organisaties een probleem lijkt te vormen. Daartoe worden de effecten van verschillende rekruteringsstrategieën met elkaar vergeleken. Het boek is instructief voor hen die enige tijd de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor een vereniging of genootschap dragen. De bevindingen zijn ook relevant voor de in de samenleving fel gevoerde discussie over de vraag: Hoe lang mogen en kunnen verschillende groepen mensen maatschappelijk actief zijn en, wellicht ook, dienen ze arbeid productief te blijven? Binnen de Akademie kan de studie bijdragen tot het telkens opnieuw actuele onderwerp: Hoe het genootschap, als het voornaamste adviesorgaan van de regering over wetenschappelijke aangelegenheden, het best geïnformeerd, internationaal georiënteerd en gezaghebbend te houden?
 45,00  15,00
Verder lezen